Over Irak

Wat cijfers over Irak

Irak kent twee officiële talen, namelijk het Arabisch en het Koerdisch. Hoofdstad van Irak is Bagdad. In het land wonen 31.129.225 mensen (telling 2012) op een totaal van 435.244 km², dit komt neer op 71,5 inwoners per km². Staadshoofd van de Federale Republiek Irak is Jalal Talabani (regeringsleider is Nuri al-Maliki ). 96% van de bevolking is moslim en slechts 4% is Christen. Irak staat nummer 9 op de ranglijst van landen waar Christenen worden vervolgd (bron: Stichting Open Doors)

De geschiedenis van Irak

Het gebied dat het huidige Irak inneemt is vrijwel hetzelfde als het vroegere Mesopotamië, het land tussen de rivieren Eufraat en Tigris. In dit land is het eerste schrift ontwikkeld, rond 3100 v. Chr. Vele beschavingen heersten over Mesopotamië: de Sumeriërs, Babyloniërs, Assyriërs, Arameeërs, Perzen, Arabieren en Turken. In de 7de eeuw werd Mesopotamië door de Arabische moslims veroverd en ontstond er een culturele en wetenschappelijke bloeiperiode.

Irak werd deel van het Ottomaanse Rijk, dat in 1917 ten val kwam. Bij de verdeling van het Ottomaanse Rijk door de Volkenbond kwam Irak onder Brits mandaat. Faisal Ibn Hoessein werd door de Britten geïnstalleerd als koning. De Britten maakten Irak een min of meer zelfstandig land dat in 1932 onafhankelijkheid verwierf. In 1941 veroverde het Verenigd Koninkrijk het land nog een keer; een militaire staatsgreep in 1958 maakte een einde aan de door de Britten opgelegde monarchie.

In 1979 werd Saddam Hoessein de machtigste man binnen de Ba’ath-partij en daarmee van het land. Zijn regime maakte een hardhandig einde aan alle politieke oppositie en voerde een waar schrikbewind.

Irak voerde de acht jaar durende (22 september 1980 tot 20 augustus 1988) en zeer bloedige Iran-Irakoorlog met buurland Iran. Gelijktijdig met de oorlog vond ook de al-Anfal-campagne plaats, waarbij Koerden gedwongen werden te verhuizen om plaats te maken voor Arabieren. De gifgasaanval op Halabja was hier een onderdeel van.

Op 2 augustus 1990 viel Irak het veel kleinere buurland Koeweit binnen en bezette het in 1 uur: het begin van de Golfoorlog van 1990-1991. Koeweit werd in 1991 door een internationale coalitie bevrijd in een operatie met de naam Desert Storm. Het luchtruim in het noorden en het zuiden van Irak werd daarna overgenomen door de VS, Frankrijk en Engeland en minimaal 30 andere landen, volgens deze landen als uitvloeisel van VN-resolutie 688.

In 2003 werd Hoessein verdreven na een aanval van een internationale coalitie, de zogenaamde Coalition of the Willing, onder leiding van de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk tijdens de Irakoorlog.

Nadat op 1 mei 2003 de gewapende strijd werd gestaakt, werd in Irak een stabilisatiemacht geïnstalleerd, de Stabilisation Force Iraq. Ook werd een overgangsregering ingesteld, de Coalition Provisional Authority (CPA) onder leiding van de Amerikaan Paul Bremer.

Op 28 juni 2004 droeg de CPA de macht over aan een interim-regering onder leiding van premier Iyad Allawi en president Ghazi al-Yawar. Die werden weliswaar (net als de CPA) tegengewerkt door diverse groepen van opstandelingen in Irak, maar wisten het land klaar te maken voor verkiezingen van 30 januari 2005.

De verkiezingen werden gewonnen door een sjiitische partij, maar die behaalde geen absolute meerderheid en moest dus een coalitie vormen met andere partijen. De belangrijkste posten werden langs etnische lijnen verdeeld. Jalal Talabani (Koerd) werd president, Ibrahim Jaafari (sjiiet) werd premier en een soenniet werd voorzitter van het parlement. Een speciaal comité stelde een grondwet op, die in oktober 2005 in een referendum werd aangenomen. Hierna vonden op 15 december 2005 volgens die grondwet verkiezingen plaats, die eveneens door de sjiitische partij gewonnen werd. Echter, die behaalde geen absolute meerderheid en na de verkiezingen probeerden de partijen een regering van nationale eenheid te vormen.

Op 15 december 2011 verlieten de Amerikaanse troepen na meer dan 8 jaar Irak, de Irakoorlog is officieel voorbij.

Bevolking van Irak

De belangrijkste bevolkingsgroepen van Irak zijn de Arabieren (75%-80%) en de Koerden (15%-20%). Verder wonen er onder andere ook groepen Turkmenen en Assyriërs in Irak.

In het midden en zuiden van Irak wonen Arabieren. De meesten van hen, ongeveer 60% van de totale bevolking, zijn sjiitisch. Zij wonen hoofdzakelijk in het zuiden, waar zich ook de heilige steden van de sjiieten, Karbala en Najaf, bevinden. Daarnaast woont een grote groep sjiieten in Bagdad, de meesten in de ‘wijk’ Sadr-stad (voorheen Saddam-stad).

In het midden van Irak, in de zogenoemde Soennitische driehoek, wonen de meeste soennitische Arabieren, die ongeveer 20% van de bevolking uitmaken.

De overwegend soennitische Koerden leven in het noorden van Irak, dat ook wel Iraaks Koerdistan wordt genoemd. De Koerden hebben een zekere mate van autonomie. Ze hebben een eigen taal, het Koerdisch, en een eigen cultuur. In het Iraakse deel van Koerdistan wonen tegen de zes miljoen Koerden. Zij hebben als hoofdstad Arbil (Hawlêr). Verder hijsen ze (weliswaar met de Iraakse vlag ernaast) een eigen vlag. In de Koerdische regio leven ook veel Assyrische christenen, Arabieren en Turkmenen.

Iraakse Turkmenen leven voornamelijk in Kirkoek (Kerkuk). Ook leven er grote groepen Iraakse Turkmenen tussen Kirkoek en Bagdad en in Arbil.

Politiek in Irak

Onder Saddam Hoessein was Irak een dictatuur. Na de machtsovername door de Amerikanen werd een Coalition Provisional Authority ingesteld, die de macht overnam. Hoewel de Amerikanen en Britten hun eigen favoriete rechtssysteem wilden invoeren, stuitte dit op tegenstand van onder anderen ayatollah Ali al-Sistani. Op 28 juni 2004 werd de macht formeel overgedragen aan een door de CPA benoemde regering, waarna in begin 2005 verkiezingen werden gehouden. Ghazi al-Yawar was gedurende die periode interim-president van Irak. Iyad Allawi was toen interim minister-president. De huidige regeringsleider van Irak is Nuri al-Maliki.

Op 30 januari 2005 werden de eerste verkiezingen gehouden. Jalal Talabani werd president en Ibrahim Jaafari werd premier. Een speciaal comité met Koerdische, soennitische en sjiitische vertegenwoordigers stelde op 28 augustus 2005 een ontwerpgrondwet op, die in oktober 2005 in een referendum aan het Iraakse volk werd voorgelegd.

Op 15 december vonden volgens de nieuwe grondwet verkiezingen plaats. Geen van de partijen wist een absolute meerderheid te behalen. Van de 275 zetels gingen er 128 naar de Verenigde Iraakse Alliantie (sjiitisch), 53 naar de Democratische Patriottische Alliantie van Koerdistan en 44 naar het Iraaks Akkoord Front (soennitisch). Daarnaast veroverden negen andere partijen één of meer zetels.

Op 5 november 2006 veroordeelt het Iraaks Gerechtshof Saddam Hoessein tot de doodstraf. Op 26 december 2006 werd Saddam Hoessein ook in hoger beroep ter dood veroordeeld. Op 30 december 2006 werd de executie voltrokken. Volgens mensenrechtenorganisaties is het een politiek vonnis en is er geen sprake geweest van een eerlijke rechtsgang bij zijn veroordeling.

Op 24 juli 2014 werd president Talabani opgevolgd door Fuad Masum, de huidige president.